Kiwi Christmas 

Merry Christmas vanuit Nieuw-Zeeland! We zijn weer bij de Wilsons in Amberley beland, nadat we ruim anderhalve maand kriskras over het Zuidereiland hebben gereisd (we zijn hier ook alweer 3 maanden!). De afgelopen weken gingen we onder andere langs de twee bekendste Gletsjers en de hoogste berg van Nieuw-Zeeland en we gingen op jetboatsafari. Hieronder weer een update:

Hokitika Gorge

Eigenlijk valt er niet superveel te zeggen over de Gorge behalve dan dat het het allermooiste en blauwste water is dat ik ooit heb gezien. Het is net alsof iemand een pot verf heeft leegegooid, zo mooi en bijna onnatuurlijk blauw is het. En dat omgeven door witte stenen en een regenwoud, plus nog een hangbrug zodat je vanaf boven de vissen kunt zien zwemmen geeft dit soort mooie plaatjes!

Franz Josef Kiwi Sanctuary

We hadden via bookme (een soort Groupon) goedkope kaartjes gekocht voor een backstage tour in een Kiwi sanctuary in Franz Josef. We hadden allebei niet superhoge verwachtingen maar het was echt ontzettend leuk! We kregen uitleg hoe de kiwi’s werden gevolgd, hoe ze wisten wanneer er een ei was, wat er gebeurt zodra ze het ei hebben. Ook werd verteld dat deze kiwi’s na een maand werden vrijgelaten op Bird sanctuary islands, zoals Motuara (waar we waren geweest) als ze oud en dik genoeg zijn om een hermelijn aan te kunnen dan worden ze weer vrijgelaten op de plek waar de eieren origineel vandaan kwamen. Het hoogtepunt was wel dat we de broedkamer mochten zien en de kiwi’s die net uit hun ei waren. Echt so fluffy! 

(onder mij zit een Kiwi) 

Daarna konden we nog naar het publieke deel waar je in het donker kiwi’s kon spotten als je geluk had (je kreeg een armband die 24 uur lang toegang gaf omdat de kiwi’s ook vaak slapen en dan zie je ze niet) we hadden geluk want de grootste Kiwi was echt ontzettend actief aan het rondlopen en graven, en de mini’s waren ook soms actief en een beetje aan het knikkebollen (echt heel schattig). Kiwi’s zijn wel echt hele rare volgens om naar te kijken, ze lijken heel erg uit verhouding en hebben geen zichtbare vleugels waardoor alles er een super onhandig uitziet, haha :p

Franz Josef gletsjer

Vroeger, 10 jaar geleden toen Timothy hier was, kon je zo deze gletsjer oplopen. Inmiddels door global warming niet meer, maar ik wilde toch graag de gletsjer van dichtbij zien. Ik ben hier maar 1x en hoe vaak kom je nu in het wild een gletsjer in het regenwoud tegen? Precies. Dus besloot ik een helihike te doen.

Je vliegt dan met een helikopter het ijs op, en vervolgens hike je daar zo’n 3 uren rond. Hier en daar op uitgehouwen trapjes, maar voornamelijk over hobbelig ijs, soms spring je over grote spleten en soms loop je zelfs door een ijsgrot. 

De helikoptervlucht op zichzelf is echt al fantastisch; je vliegt eerst over het regenwoud en dan land je opeens op het ijs! Eenmaal daar moet je dikke spikes onder je schoenen binden en krijg je een stok (die je ook echt wel nodig hebt!) en dan loop je zo de gletsjer op. 

Het ding is immens, echt gigantisch groot, en beweegt zo’n 7 meter per dag. Het meest bijzondere aan de trip vond ik dan ook wel dat je af en toe gigantische blokken ijs naar beneden zag, maar vooral ook hoorde, vallen. Echt zo’n geluid van natuurgeweld. Heel bijzonder! 

Lake Matheson/Fox Glacier

(2007 toen Timothy ‘m zag) 

(nu, 10 jaar later) 

Na de Franz Josef Glacier reden we door naar het dorpje Fox Glacier, waar, je raadt het al, nog een gletsjer is. Dit is de gletsjer waar Timothy 10 jaar geleden daadwerkelijk vanuit het regenwoud zo het ijs op is gelopen, maar dat kan nu niet meer. Door global warming is deze gletsjer zo veel geslonken dat je ook op deze alleen nog met een helikopter kan komen. Als je de foto’s ziet, zie je dat het verschil echt gigantisch is. 

De omgeving rondom Fox Glacier was gelukkig nog steeds prachtig, heel veel jungle-achtig regenwoud met hele hoge bomen en waar alles met donkergroen mos is begroeid waardoor het er gelijk heel sprookjesachtig uitziet. We deden nog een wandeling rondom Lake Matheson, een spiegelend meer waar je de omliggende bergen in gespiegeld kan zien, als het niet bewolkt is (want dan zie je geen bergen) of waait (want dan zie je spiegelt het meer niet). Het was een bewolkte en winderige dag, maar hoewel het meer niet spiegelde maakte de prachtige omgeving en het hele groene regenwoud met overal beekjes, alles goed!

Jackson Bay

We werkten ook nog een weekje vlakbij Haast, bij een familie met een superschattig kindje (daarmee is alles ook wel gezegd, want verder waren ze niet superaardig, maar hey, we hadden een gratis plek om te slapen en er was lekker eten :)) en vanuit daar reden we naar Jackson Bay. 

We wisten niet dat het mogelijk was, maar er is een plek waar de dolfijnen nog dichterbij komen dan bij Steve. We reden eigenlijk naar Jackson Bay voor een wandeling door het bos naar een klein baaitje, maar op de terugweg naar Hannahs Clearing (waar onze huidge thuis is) zag ik vanuit de auto dolfijnen! Ze waren echt heel erg dichtbij, het schijnt dat ze soms maar 3 meter van de kust verwijderd zijn en het is zelfs een veilige plek om te zwemmen. Dus wie weet… (uiteindelijk was het te koud om te gaan zwemmen, maar er zijn nog meer plekken waar het kan, en het wordt steeds warmer, dus het gaat vast en zeker een keer lukken!)

Waitoto River Safari

Onze hosts hebben een jetsafaribootbedrijf en wij mochten gratis een keertje mee op een van hun tochten! Ik had nog nooit in een jet boat gezeten maar die dingen gaan best hard. We voeren eerst 16 km de rivier op waarbij ons van alles werd verteld over de omgeving. Dat er kiwi’s wonen, dat het gebied hier op de werelderfgoedlijst van UNESCO staat en dat het tussen twee tectonische platen (aardrijkskunde flashbacks) in ligt en dat je er goed kunt vissen op whitebait, minivisjes waar je hier een aantal weken per jaar op mag vissen en die zo’n 140 dollar per kilo opleveren (we kregen zelfs een stukje te proeven, het smaakte niet heel bijzonder, haha). 

Verder liepen we  nog een klein stukje een dicht oerbos in, en daarna voeren we op volle snelheid weer naar beneden en stuiterden we op het water, echt heel tof!

Queenstown

We reden vanuit Haast via Wanaka naar Queenstown. Eigenlijk wilden we niet per se naar Queenstown, het staat bekend als party place, en we zijn beiden niet zulke party people. Maar we hadden een tijd terug, toen we nog dachten dat we geen auto zouden hebben, een relocation geboekt van Queenstown naar Christchurch en alvast hostels voor onderweg geboekt. De relocation hebben we geannuleerd maar de boekingen voor de hostels stonden nog, en zo belandden we in een hostel vol 18-jarigen die uren bezig waren om zich op te maken en in veel te weinig kleren terwijl het buiten windkracht 8 was, een weg naar de stad baanden om te party’en. De weg naar Queenstown is prachtig en de omgeving ook, maar een beetje jammer dat er een stad is :p

Mt Cook

Mount Cook is de hoogste berg van Nieuw-Zeeland, waar ook met deze temperaturen gewoon een dikke berg sneeuw op ligt. We deden de Hooker Valley (echt, wie heeft die naam bedacht?) track, waarbij je in 3 uren op en neer naar een Gletsjermeer loopt (waar dikke stukken ijs in drijven) en waar je prachtig uitzicht hebt op Mt Cook (die tegenwoordig meer lijkt op een boze meneer, haha). 

Niet alleen de track zelf is mooi, ook de lange autoweg er naartoe als de bergen steeds dichterbij komen en je aan de zijkant een prachtig blauw meer ziet (lake Pukaki). Deze staat wel in de top 3 mooiste wegen die we tot nu toe hebben gereden!

Mt John (Lake Tekapo) 

(in de zon is ie heeel blauw, really) 

We beklommen ook nog een berg (een mini). In 2 uren klommen we naar de top, terwijl we prachtig uitzicht hadden op de Southern Alps, en Lake Tekapo wat alweer zo’n prachtig blauw gletsjermeer is. Er wordt hier heel erg gedacht om lichtvervuiling waardoor je hier heel goed duizenden sterren en zelfs de melkweg kunt zien ’s nachts. Schijnt. Helaas was het bewolkt toen wij er waren, but we’ll be back 🙂 

Kiwi Christmas

We reden terug naar Amberley, naar de Wilsons, zij vertrokken voor hun twee weken kampeervakantie terwijl wij achterbleven met de beestjes en toen was het opeens al kerst. En hoewel er geen sneeuw was, het was zelfs 30 graden, was dit wel de meest kerstige kerst die ik ooit heb meegemaakt! Er was een kerstboom, en ’s avonds gooiden de kinderen wortels naar buiten voor de rendieren en zetten ze melk en koekjes klaar voor de kerstman. Daarnaast was Grace echt extreem nieuwsgierig en stond dus om 5.00 op om cadeaus open te maken, haha. Wat superlief was, was dat de Wilsons ook een cadeautje voor ons hadden gekocht ❤️. We kregen beide een supermooi jade kettinkje (je mag volgens de Maori geen jade voor jezelf kopen maar alleen houden als je het vindt of van iemand krijgt). 

Daarna was het tijd voor kerstlunch bij het community centre. Het werd georganiseerd door een kerk dus er was zelfs een mini speech (een hele slechte) over de kerstgedachte en er werden heel veel christelijke liedjes gedraaid en gebeden voor het eten. We zijn beiden niet gelovig maar ik vond het wel grappig om te zien hoe zo’n hele christelijke kerst er aan toe gaat. Het was trouwens een heel leuk diner! Er werd meerstemmig gezongen, er was heerlijk eten en er was zelfs een Christmas Grotto, echt heel tof!

Na de lunch konden we even uitbuiken in de hitte en toen was het tijd voor het kerstdiner. We waren uitgenodigd door vrienden van de Wilsons voor een familiekerstdiner. We kregen nog meer heerlijk eten, speelden spelletjes, aten van antieke borden die alleen met kerst en bruiloften uit de kast worden gehaald (dat maakte het afwassen wel spannend) en we aten het klassieke kersttoetje: een Pavlova.

Ik heb nog nooit zoveel kerstige dingen op een dag gedaan. En al helemaal niet in een zomerjurkje, haha. Vandaag (tweede kerstdag) gaan we lekker helemaal niets doen, en vanaf morgen gaan we weer aan het werk in Amberley city. 

Advertenties

Heat wave (oftewel heel veel mooi weer!) 

Weet je nog die superstoerejongensauto van Steve die wij mochten lenen? Inmiddels is die van ons, haha. Not sure how that happened maar een eigen auto heeft voordelen, dus yay! Steve wilde ons nog steeds zijn auto (tegen een vet goede prijs) verkopen ondanks het feit dat we per ongeluk z’n hek knalgeel hadden geverfd, terwijl het eigenlijk bruin hadden moeten worden, en daarmee waarschijnlijk het lelijkste hek in Nieuw-Zeeland is geworden. 

Echt. Het allerlelijkste hek ooit. Inmiddels zijn we weer on the road (nog zonder onze auto want daar moest nog iets aan gebeuren, maar dat nam Steve allemaal voor z’n rekening, zelfs na het hek :p), weg bij Steve, en via allemaal leuke andere locaties onderweg naar onze volgende host in Haast.  Hier weer een korte samenvatting:

Denniston and the Charming Creek Walkway

Aan de Westkust werd vroeger veel gewerkt in de kolenmijnen. De meeste zijn inmiddels gesloten maar de Kiwi’s hebben daar een leuke draai aan gegeven. Denniston is een oud mijnersstadje hoog in de bergen. Je rijdt eerst een half uur de berg op waarbij je fantastisch uitzicht hebt op de zee.

Vervolgens kom je uit bij het stadje waar grotedeels nog dingen zichtbaar zijn uit de tijd dat er nog in de mijnen werd gewerkt; een supersteile weg naar beneden waar de karretjes met kolen vroeger naar benenden werden vervoerd, oude karretjes, delen van de machines en stenen bogen gebouwd om de het spoor waar de mijnkarretjes overheen gingen te ondersteunen. Ook stonden er hier en daar foto’s en informatieborden waar je op kon zien en lezen hoe het er vroeger uit had gezien.

Nog leuker was de Charming Creek Walkway. Dit is een route waarbij je het (hier en daar nog intacte) spoor van de mijnkarretjes volgt. Je legt een hele route af door het regenwoud in de bergen en loopt daarbij steeds op het spoor, gaat door tunnels en hier en daar over een hangbrug. Goed lunchplekje

Onderweg kom je prachtige watervallen tegen, en een supermooie gorge met heel blauw water en hele grote raargevormde witte stenen!

Punakaiki

Dit is tot nu toe de plek waar we de meeste toeristen zijn tegengekomen. Weer eens wat anders dan de verlaten weggetjes waar we meestal op lopen. In Punakaiki zijn de ‘pancake rocks’ een ding: grote rotsachtige formaties waarin allemaal kleine laagjes zichtbaar zijn.

En als het vloed is dan komt het water door de zogenaamde ‘blowholes’ heen en dan spuit het water in een keer naar boven. De rotsen waren op zichzelf al prachtig om te zien (als we ons eenmaal een weg door de andere toeristen hebben gebaand :p) maar we hadden ook nog eens het geluk dat er een groepje hectordolfijnen in de buurt was die zich af en toe lieten zien! 

Queen Charlotte Track

Met een relocation car gaan we van Greymouth naar Anakiwa waar we al eerder een nacht hebben geslapen maar geen tijd hadden om de prachtige omgeving te bekijken die bestaat uit een heldere blauwe zee, regenwoud en heel veel bochtige weggetjes. We rijden eerst een stukje van de track onder het genot van de muziek van de Funky Monkey Babys, een Japanse groep. De auto komt rechtstreeks uit Japan en alles is in het Japans en dit is het enige dat we aan de praat krijgen, haha.

Daarna besluiten we nog een stuk te lopen, gelukkig grotendeels in de schaduw want het is 31(!) graden (op 1 december). Als we terug in de zon zijn ziet het zeewater er wel heel aanlokkelijk uit en dus gaan we zwemmen! Echt heerlijk na zo’n lange hete dag 🙂

Wildlife tour en een nachtje in de gevangenis 

OK, deze staat nu op nummer 1 van ‘meest toeristische ding dat we hebben gedaan’. We hadden via Facebook een lift geregeld naar Christchurch vanuit Picton, maar diegene kwam pas om 18u aan. Wij moesten onze auto al inleveren om 10u dus hadden we heel wat uren over en dus boekten we een tour op een boot waar je dolfijnen ging kijken en naar een bird sanctuary island ging waar de vogels beschermd zijn en dus niet zo schuw. De boot zat vol vervelende toeristen die van alles honderd foto’s maakten met hun kanonnen van lenzen. Daarnaast was de tourleider heel irritant en deed net alsof we kinderen waren (‘good job guys, that is indeed a king shag (een vogel)’ en dan al die gretige toeristen ‘klikklikklikklik’ met hun camera’s) 

King shag 

Gelukkig was het weer heel mooi en hadden we geluk want we hebben 3 soorten dolfijnen gezien; een tuimelaar, een groep dusky’s en een hectordolfijn (die maakten natuurlijk alles goed!). De tuimelaar is echt zo groot, en ik wilde dat we langer bij de dolfijnen konden kijken (misschien moeten we een boot kopen :p).Daarnaast spotten we nog heel veel vogels en zelfs hagedisjes op het eiland en hadden we fantastisch uitzicht vanaf de berg die we beklommen!Zoek de hagedis 

Daarna was het tijd voor onze rideshare, we wachtten samen met twee anderen die ook via FB contact hadden gezocht voor een lift, op Fernando en z’n busje. 
Een van de twee had tijdens het trampen (Kiwi voor ‘meerdaagse hike’) possums gevangen, vermoord, geskinned en opgegeten. Dat is wel echt een next level van kamperen, daar waag ik me nog maar even niet (lees: nooit) aan… Maar nu we een auto hebben, en Steve er vet aardig een tent bij heeft gedaan en allemaal andere kampeerspulletjes, gaan we binnenkort waarschijnlijk ook kamperen!

Uiteindelijk belandden we na 6 uren rijden om 2 uur ’s nachts in de gevangenis (ok, eigenlijk ons hostel in een oude gevangenis die de cellen had omgebouwd tot kamers) en konden we eeeeindelijk slapen!

Cass

We hebben echt zoveel geluk gehad met onze eerste host Deb! Ze heeft namelijk niet alleen een groot netwerk van leuke adresjes en vet veel inside informartie ook nog eens een vakantiehuisje in de bergen en daar mochten we zomaar slapen. En we hadden een dikke SUV als auto van de relocationcompany gekregen (inclusief gratis brandstof, gelukkig), dus wij vermaakten ons wel. 

De rit naar het huisje gaat door Arthur’s Pass en het zijn echt de mooiste bergen die ik tot nu toe heb gezien. Echt wauw! Zo ontzettend mooi, en zelfs hier en daar nog wat sneeuw op de bergen (ondanks de hittegolf en de waterrestricties hier en daar). We konden maar kort blijven, maar ik wil sowieso terug! Het huisje bevindt zich in de middle of nowhere in een van de 7 plaatsen ter wereld met slechts 1 officiële inwoner. Het ligt aan het spoor waar de wereldberoemde transalpine express langs gaat (een prachtige treinreis door de bergen, helaas alleen voor rijke mensen) en is zo afgelegen dat je er steeds roofvogels naar elkaar horen schreeuwen en ’s avonds een miljard vogeltjes horen.

Vanuit Cass reden we met de gloednieuwe dikke SUV naar Westport om onze eigen oude bak op te halen. Timothy reed de relocation naar Greymouth en ik erachter (zag bijna niets, onze auto is mini, de SUV huuuuge) in onze Toyata Curren uit het uitstekende jaar 1997. M’n eerste keer alleen achter het stuur in NZ, waah, maar alles ging goed! Zelfs toen we verkeerd reden en Timothy vooruit moest rijden om de SUV nog op tijd in te leveren. Ik moest toen nog ruim een uur in m’n eentje rijden maar met een lekker hard muziekje aan kon ik lekker cruisen en heb ik de auto mooi ingeparkeerd voor het hostel achtergelaten (gelukkig is het een automaat :p)

We reizen nu langs de westkust naar beneden, de westkust waar het altijd regent (vandaar het regenwoud) maar nu al 25 dagen niet. Het gras is bruin en de kiwi’s hopen op regen, maar voor ons is het heerlijk! Elke dag mooi weer 🙂 De kerstgekte is inmiddels volop losgebarsten hier, maar dat voelt nog steeds vet raar, I mean, het is 31 graden?! We gaan nu nog langs Hokitika, Franz Josef gletsjer (waar ik op ga, met een helicopter!) en dan is het alweer tijd voor onze volgende host! 

Breakfast with the dolphins

In deze aflevering van ‘Timothy en Ariska in Nieuw-Zeeland’: Zullen ze de rollercoaster ride die ze krijgen overleven? (yes, we do!) Hoe is het als het niet helemaal klikt tussen jou en de host? (eeuhm… bijzonder) en hoe leuk is vier uren wachten op een lift terwijl je koorts hebt? (een feest, echt een feest :p). 

We hebben weer heel wat meegemaakt, en ondanks de eerste kleine tegenslagen willen we nog steeds niet naar huis, want het is hier fantastisch! Hier een korte samenvatting van de afgelopen weken:

Rollercoaster ride

(onze liftplek na het uitstappen, met regenboog) 

Zoals overal ter wereld heb je goede en slechte chauffeurs. In Nieuw-Zeeland betekent een slechte chauffeur echter wel wat anders dan in Nederland, aangezien de wegen hier niet mooi recht en plat zijn, maar voornamelijk bestaan uit scherpe bochten door de bergen. Al onze liften tot nu toe waren veilig en ontzettend leuk, maar er zat er een tussen waar we onder het mom van ‘ik word wagenziek’ zijn uitgestapt (ondanks het feit dat ze ons wiet aanboden tegen de misselijkheid :p). De sfeer in de auto was een beetje als in een slechte film, waar de kijker (wij) weet dat het elk moment mis kan gaan, en de acteurs in de film (de bestuurder en de bijrijders) zich nergens van bewust zijn. Het uitstappen werd beloond met een superleuke lift van een man uit Oostenrijk die graag met ons over filosofie wilde praten, ons meenam naar zijn favoriete café (met goedkope groenten achter de balie!) en uiteindelijk kwamen we nog op tijd op de plek waar we heen wilden 😀

Edward Fox Museum

Eigenlijk houden Timothy en ik beiden niet echt van musea, maar dit museum was echt heel leuk. Al klinkt dat waarschijnlijk niet zo als ik het opschrijf. Het museum bestond namelijk uit het 8ste oudste schip ter wereld en haar geschiedenis. We keken eerst een film over wat het schip allemaal had gedaan en waar het was geweest, en hoe het uiteindelijk hier was beland. Daarna kon je rondlopen op het schip, want het is grotendeels nog intact!

HelpX 2.0 

(zoveel feijoabomen) 

We kwamen er na anderhalve week reizen achter dat dat eigenlijk best heel erg duur is, dus stuurden we nog wat berichtjes naar hosts of we daar een paar dagen terecht konden. Zo belandden we bij een koppel met een feijoaboomgaard in Blenheim. Ze probeerden zo veel mogelijk self-sufficient te zijn. Ze hadden dan ook een vet grote groentetuin en aten zelfgeslacht vlees, ze hadden bijen voor de honing, kippen voor de eieren en toen ik een keer een la open trok was deze gevuld met meer dan 100 (echt waar) deksels, van bakjes waar ze alles in bewaren en invriezen et cetera. We sliepen in de Hippy Hut, gemaakt van gerecycled materiaal, en we hadden een eigen keukentje en douche, echt heerlijk! Op de een of andere manier klikte het alleen niet echt tussen hen en ons. Ze liepen elkaar de hele tijd af te vitten (via ons) waardoor het steeds een beetje ongemakkelijk was. Daarnaast was Timothy behoorlijk ziek, en ondanks het feit dat ze het wisten vroegen ze er pas naar nadat we klaar waren met werken, en melden ’s avonds dat ze ons morgenochtend wel weer zagen, vrij zijn zat er dus niet in. Dit wordt dus niet onze favoriete helpX ervaring, maar de omgeving was echt prachtig en ik heb een heleboel geleerd over feijoas ;p

Murchison City

Toen we bij de familie weg gingen was Timothy eigenlijk nog steeds ziek. En net die dag duurde het 4 uren voordat we een lift te pakken hadden. Misschien keken we niet opgewekt genoeg ;p Toen er eindelijk iemand stopte was de auto zo vol dat we dachten dat het niet zou passen. Maar Eb, de bestuurder heeft (letterlijk!) een kwartier spullen liggen verplaatsen en toen paste het op wonderbaarlijke wijze toch. Hij kwam langs Murchison waar we heen wilden, en we mochten dan ook de hele weg (2,5 uur) met hem meerijden, echt zo aardig! Inmiddels is hij onze Facebookvriend een gaan we waarschijnlijk naar een van de autoraces waar hij aan meedoet tegen kerst als we daar in de buurt zijn!

Timothy ging op bed en ik ging Murchison verkennen. Dat was sneller gedaan dan gezegd. Er is een winkel, een kringloop, een souvenirwinkel en een museum. Dat was het. We zouden eigenlijk de volgende dag vertrekken maar zijn uiteindelijk 4 dagen gebleven omdat Timothy flink de griep te pakken had. Ik heb denk ik elke hoek van Murchison gezien in die tijd ;p We zaten gelukkig wel in een superleuk hostel waar we elke avond een film keken en ik me overdag vermaakt heb met het maken van fancy lunch en avondeten (waar je normaal gesproken in een hostel niet echt aan toe komt :p) daarna gingen we onderweg naar Steve, de broer van onze eerste host Deb, aan de westkust.

Onderweg naar Hector

Waar we de vorige keer nog 4 uren langs de weg stonden, hebben we deze keer niet langer dan 10 seconden gestaan. We konden met een jongen uit het hostel meerijden naar een kruising en vanaf daar zouden we doorliften naar Hector. Hij nam ons ook nog mee naar een hele toffe waterval (Maruia Falls) die is ontstaan door een grote aardbeving in de jaren zestig. Daarvoor was het gewoon een rivier. Echt sick! Eenmaal bij de afslag hadden we honger, en Timothy voelde zich nog steeds koortsig. Dus terwijl hij een mueslireep pakte dacht ik ‘ik begin vast, je weet maar nooit’, en ik stak mijn duim op, er kwam een auto, hij stopte en we konden mee. Dit gebeurde in 10 seconden. Op ons bordje hadden we ‘Westport’ geschreven, omdat zelfs veel kiwi’s Hector niet kennen, zo klein is het. Er wonen zo’n 50 mensen. We raakten in gesprek met Craig, die eerder vrij was vandaag omdat het een feestdag was in Christchurch waar hij werkte. Hij zei dat we geluk hadden want normaal gesproken was hij pas ’s avonds laat thuis, maar toevallig vandaag wat eerder. And lucky we were! Eenmaal in gesprek vroegen we waar in Westport hij woonde en hoe het daar was. Bleek dat hij ten Noorden van Westport woonde, in Hector! Een van de 50 bewoners, en wij hadden een lift! Enige probleem: we moesten nog wat boodschappen halen in Westport (niet overal supermarkten in Nieuw-Zeeland!) maar hij wilde zelfs wel op ons wachten, echt superlief. 

(Het mooie strand in Hector) 

Hij vertelde ons ook nog van alles over de omgeving waar we reden, over de mijnen daar waar hij jaren in had gewerkt. Zelfs Steve was helemaal verbaasd, er rijdt door Hector ongeveer 3x per uur een auto dus hij had niet verwacht dat we hier snel zouden komen, but we were super lucky!

Hector’s Dolphins en Pounamu 

Eenmaal in Hector werd Timothy snel weer beter dankzij een antibioticakuur – onderhands verstrekt door (nurse) Steve – yay! En ook al had Steve nog nooit dolfijnen gezien, zag ik op dag drie ’s ochtends dolfijnen en hebben we de hele ochtend op stoeltjes op het strand (in Steve’s achtertuin) gezeten om dolfijnen te kijken. Sindsdien ontbijten we elke ochtend op het strand terwijl de dolfijnen voor ons heen en weer zwemmen, op de golven surfen en soms zelfs rare sprongen maken. En ook al hebben we ze nu al talloze keren gezien, het blijft leuk. Zo bijzonder dat je dolfijnen gewoon kunt zien vanaf het strand! (soms verdwijnen ze wel weer maandenlang, zo vertrouwden de locals ons toe) 

Steve had ook laten vallen dat je hier jade kunt vinden (pounamu in het Maori). Jade is echt extreem duur in de winkel, en ik verzamel sowieso al van verschillende plekken mooie stenen en schelpjes, dus ik hoopte een stukje jade te vinden om mee te nemen als souvenir. Dus liep ik de meeste dagen na het werken op het strand naar de talloze prachtige stenen te kijken, en ik vond niks. Tot ik op een ochtend de stoelen neerzette voor het ontbijt op het strand en er recht voor de stoel de meest groene steen lag die ik tot nu toe had gezien. Wauw! En het bleek daadwerkelijk jade te zijn #happy

Karamea

We mochten Steve’s superstoere auto lenen voor een daytrip naar Karamea. De weg daar naartoe was een van de meest bochtige wegen tot nu toe (en dat zegt wat!). De weg naar de Oparara Arch, en de grotten waar we naartoe wilden, was 16 km lang met 30 km/u op en neer hobbelen op een smal gravelpaadje. Maar aan het einde van de weg wachtten grote beloningen. Allereerst de Oparara Arch, een prachtige en gigantisch limestone arch. 

Daarna een kleine en een hele grote grot waar we cave spiders en zelfs een kleine weta die zal uitgroeien tot een gigantisch insect (Google it!). 

Daarna liepen we nog naar een spiegelend meer, en onderweg kwamen we nog weka’s tegen, ook wel de ‘kip van de jungle’ genoemd. Ze kennen geen angst, en hun kuikens ook niet, want ze probeerden m’n veters op te eten, haha!

Ondanks het feit dat we niet zo heel veel hebben gedaan, hebben we wel veel beleefd! Woensdag gaan we na 12 dagen werken bij Steve (waarbij we letterlijk hele bomen hebben omgezaagd en nog net niet met machettes ons een weg door het oerwoud moesten banen, maar het scheelde niet veel :p) weer op pad en hebben we twee weken om rond te reizen voordat we worden verwacht bij onze volgende familie en daarna is het alweer bijna kerst (wat echt vet raar voelt want het begint hier net zomer te worden en is de hele tijd 25+ graden, terwijl er op televisie reclame wordt gemaakt voor kerst…), 2018 en dan gaan we alweer bijna naar… Oh nee dat duurt nog wel even :p 

Adventures in the bushbush

Hmm, misschien moet ik wat vaker schrijven, want oeps, dit blog loopt ontzettend achter! Wat er tussendoor allemaal is gebeurd: de Wilsons waren op vakantie en wij pasten op het huis en de dieren (de hond werd groen, but we fixed it :p). Daarnaast zaten we bijna elke avond in de jacuzzi #backpackerslife. Oh en Timothy groef een vet diep gat:

Toen kwamen de Wilsons weer terug, en waren we nog een paar dagen in Amberley maar inmiddels zijn we alweer aan het reizen en op weg naar onze volgende host; de broer van Deb, onze vorige host :p Hij woont in Hector en heeft een huisje aan het strand, waar we het waarschijnlijk heel zwaar gaan hebben. Vier uurtjes werken en dan de rest van de dag aan het strand… Je begrijpt hoe zwaar dat moet zijn! Hier een korte (eigenlijk lange) samenvatting van wat er de afgelopen tijd is gebeurd:

Ashworths Beach

Vlakbij het huis van onze hosts is een beetje een verborgen strand waar je in de zomer goed een kampvuur kan maken. Nu was het nog lang geen zomer, en was het nog redelijk koud, maar toch besloten we om samen met onze Franse huisgenoot en Wilson (de hond) een avondje door te brengen op het strand. Toen het nog licht was verzamelden we aangespoelde takken en ander hout, en zodra het begon te schemeren maakte we een vuur waar we ons eten op klaarmaakten.

Uiteindelijk hebben we de hele avond onder een prachtige sterrenhemel (met vallende sterren en een zichtbare melkweg) bij het knisperende vuurtje gezeten en heerlijk gegeten (met een extra knapperige sandbite ;p) echt heel tof!

Amberley Farmersmarket

Het dorpje waar we tijdelijk woonden heeft elke zaterdagochtend een superschattige boerenmarkt waar mensen lokale producten kunnen verkopen. Er is een hele hoek met omaatjes die helemaal zijn losgegaan met hun breinaalden. Van de lelijkste kinderjurkjes tot aan gebreide zwarte pieten toe, het is er allemaal. Ook schilderen mensen gevonden stenen, en wordt er veel zelfgemaakt houtwerk verkocht. Daarnaast is er nog een hele hoek met eten: lokale honing, zelfgebouwde drankjes en heel veel zelfgemaakte koekjes en broden. Echt ontzettend schattig!

Waipara Valley Vineyard Trail

Nieuw-Zeeland heeft hele goede wijnen en je ziet hier dan ook superveel wijngaarden overal. Dichtbij onze host zit een fietsroute die langs een aantal wijngaarden gaat en waar je wijn kunt proeven. En dust stapten we vol goede moed op onze fietsen (met helm, want dat is verplicht hier). Het begin van het pad was wel redelijk, maar hoe verder we kwamen hoe meer heuvels er waren, en hoe slechter het pad om op te fietsen, echt onvergelijkbaar met fietsen in Nederland (al speelden de vele wijntjes onderweg vast ook een rol :p)

Shells Angel

De vader van onze host is een hele aardige man van over de tachtig die samen met een aantal vrienden een quad club heeft genaamd ‘the Shells Angels’. Deb had ons gevraagd of we haar vader een dagje wilden helpen in zijn tuin, en dus hielpen we hem met een paar supermakkelijk taakjes die voor hem, vanwege zijn leeftijd, te moeilijk waren. Hij was zo dankbaar en blij met wat we hadden gedaan, terwijl het voor ons helemaal niet veel werk was! Hij zei dat hij niet wist wat hij leuker vond, dat z’n tuin nu zo mooi op orde was, of ons gezelschap. En hij nam ons mee voor een ritje op z’n quad langs de zee. Echt zo leuk, dit zijn de dingen die je nooit zou kunnen kopen, maar die je juist mee kunt maken door helpX of iets soortgelijks te doen 🙂 

’s middags zette hij ons af bij de Amberley A&P show, waardoor je je gelijk in het verleden waande. Er waren prijzen voor de beste taart van Amberley, de mooiste hond, het beste varken, etc. Ook waren er houthakwedstrijden en paardrijwedstrijden en was er een parade waar de lokale boeren rondreden op hun trekkers, echt fantastisch, haha!

Diamond Harbour

Omdat we het geluk hebben dat we elke week een dag vrij krijgen, konden we voor een dag naar Diamond Harbour. We gingen met de auto naar een klein plaatsje waar we een veerboot namen naar een klein paradijsje (en we zagen een dolfijn met jong!!).  

Het water was superblauw en tijdens de wandelroute door het bos kon je steeds het knalblauwe water zien, echt wauw! Op de terugweg gingen we via Dyers road (de naam kwam vast niet uit de lucht vallen, 100 haarspeldbochten zonder vangrail #feest) but we didn’t die. Gelukkig. 

McIntoshes beach

Dit is een van de best bewaarde geheimen van Nieuw-Zeeland waar we dankzij onze host achter kwamen. Als je vanuit Amberley ongeveer een half uur rijdt (waarvan een groot gedeelte op een hele slechte gravel road) dan kom je op een gegeven moment bij een boerderij (van boer McIntoshe) en dan moet je een heel stuk over zijn land lopen en allerlei hekken over, en tussen de schapen door, en dan kom je uiteindelijk bij een supersteile weg naar beneden, en daar is het grootste strand ooit, en er is niemand.

We hadden een prachtig zandstrand aan de bodem van gigantisch hoge kliffen, kilometers langs, helemaal voor onszelf. We aten onze zelfgemaakte pizza’s en we hebben zelfs gezwommen! Tot nu toe echt het leukste wat we hebben gedaan. Nergens toeristen en je hebt gewoon een prachtig stuk natuur helemaal voor jezelf!

Waipara Gorge (bijna) 

Een andere verborgen plek is Waipara Gorge. Opnieuw moet je een hele lastige weg afleggen op een gravel road om vervolgens aan te komen bij een rivier. Je komt bij de gorge als je de rivier volgt was ons verteld,  maar de rivier stond heel hoog, en dus moesten we steeds door de rivier lopen om de rivier goed te kunnen volgen. Soms stonden we tot aan ons ondergoed toe in het water, en klauterden we over glibberige stenen en probeerden we zo goed mogelijk overeind te blijven in de soms best wel sterke stroming (en dat lukte want we zijn niet gevallen!). 

Op het land klommen we over en door omgevallen bomen en baanden we ons en weg door stekelbosjes. Dit was wel het meest avontuurlijke wat we tot nu toe hebben gedaan, vooral omdat er gewoon geen pad was, en niet een duidelijk eindbestmming. Om eerlijk te zijn wisten we namelijk niet precies waar de gorge was, maar onderweg kwamen we echt prachtige dingen tegen. We kwamen langs stukken steen die het bewijs leveren voor de meteorietinslag die alle dino’s heeft vermoord, en het ligt overal vol fossielen.

(iets met tegen de zon inkijken :p) 

Na 2,5 uur lopen begonnen zich regenwolken dreigend samen te pakken en werd het tijd om snel naar huis te gaan om het avondeten klaar te maken. Achteraf waren we waarschijnlijk nog geen 100 meter van de daadwerkelijk gorge verwijderd, dus we gaan nog een keer terug, want het schijnt echt prachtig te zijn!

Akaroa

Eenmaal weer aan het reizen was onze eerste dagtrip een naar Akaroa, een klein Frans peninsula in Nieuw-Zeeland. Er is daar ontzettend veel wildlife, en we boekten een harbour tour die al onze verwachtingen overtrof. We dachten namelijk dat het echt alleen in de haven zou zijn (die echt heel groot is) maar we gingen omgeven door prachtige kliffen de vulkanische inham uit, en zagen superveel hector dolfijnen in ontzettend blauw water, fur seals, en een blauwe pinguin! 

We voeren zelfs een heel stuk de pacific ocean op, en gingen langs grotten, en watervallen. Echt een aanrader! 

Kayak en walk in Abel Tasman

We hadden een tour geboekt in het wereldberoemde Abel Tasmanpark. Het weer dat was voorspeld was verschrikkelijk, maar een van de mensen waar we een lift van hadden gekregen zei dat ze zich daar niet zoveel aantrekken van het weerbericht, want het is toch meestal anders dan wat ze zeggen, en dat was zo. Het weer was prachtig! 

We kayakten 2.5 uur op de strakblauwe zee rondom het park naar Adele eiland. We kwamen superdichtbij zwemmende zeehonden en gingen grotten in :D. 

Daarna liepen we het stuk dat we heen hadden gekayakt terug door de jungle en hadden uitzicht op het meest heldere water wat we tot nu toe hebben gezien! Als je plaatjes googelt van het park, dat is ook echt hoe het er uit ziet. Echt als een tropisch eiland (terwijl er verder in het zuiden 25 cm sneeuw op de weg lag :P)

Catching our lunch

Toen we van Motueka naar Takaka (Golden Bay) liftten, stopte er een gigantisch motorhome met een Maleisisch koppel die ons wel mee wilden nemen. Ze waren van plan zalm te vangen voor hun lunch op een soort zalmboerderij en ze vroegen of we zin hadden mee te gaan. En dus gingen we op pad! Ik ving een zalm van 1.2 kilo en Timothy heeft hem vervolgens vermoord.

Daarna hebben we van de helft sushimi laten maken en de andere helft laten stomen en wow dit was de lekkerste en malste vis die ik ooit heb gehad, echt heerlijk! 

Het leuke aan liften is dat je dus soms ergens beland waar je zelf nooit heen zou zijn gegaan. Een van onze eerste liften was ook ontzettend leuk want de man die ons meenam had net een puppy opgehaald en was onderweg naar huis. En drie keer raden wie de puppy de hele weg mocht knuffelen :p verder kwamen we aan de andere kant van de werels het broertje van een oudklasgenoot van mij tegen, en toen leek de wereld toch maar weer even heel klein. Vandaag zijn we nog naar een van de helderste wateren van de wereld gefietst (gefietst, op een snelweg zonder fietspad :p en het was niet eens heel eng)

Morgen liften we waarschijnlijk weer terug richting Picton waar we hopen de Marlborough Sounds te kunnen bekijken,  maar misschien belanden we nog wel ergens anders, we’ll see 🙂 

The Kiwi Life

De tijd vliegt hier voorbij. We zijn al ruim drie weken in Nieuw-Zeeland (bijna al 1/11e van onze reis :o)! En dus is het weer tijd voor een kleine update uit het land der Kiwi’s! 

(Wij in onze supermooie outfits) 

Over het algemeen zien onze dagen er sinds we bij de familie Wilson zijn aangekomen zo uit: Tegen half acht gaat de wekker, we ontbijten en beginnen aan onze klusjes (houthakken, schilderen, schuren, ramen wassen, kamers opruimen, kinderen bezighouden, onkruid wieden, etc.) Daarna mogen we zelf lunch maken, maar vaak heeft Deb (echt een fantastisch kok) risotto gemaakt, of gepofte aardappel. Daarna hebben we de rest van de middag de tijd om de buurt te verkennen. We mogen de auto lenen, de kayaks en de fietsen (wel verplicht met helm) en Deb wil ons ook altijd wel ergens afzetten. En ’s avonds genieten we van heerlijk eten (af en toe met een Nieuw-Zeelands wijntje) en ploffen we tevreden op de bank. Hoewel onze dagen er grotendeels hetzelfde uitzien hebben we toch wel een paar speciale dingen gedaan. Hieronder een korte samenvatting:

Tiramoana bush Walk

Op een middag na ons werk heeft Deb ons afgezet bij de Tiramoana Bush walk. Een wandeling van 3.5 uur door het bos, de heide en over heuvels, waarbij je eigenlijk steeds supermooi uitzicht hebt op de zee! 

We zijn tijdens de hele wandeling niemand tegengekomen. het was echt alsof we alleen op de wereld waren! Sommige stukjes waren ook heel onbegaanbaar, dan moest je door allemaal stekelbosjes en drek, over een riviertje springen om ergens te komen. Ook waren hier en daar de wegwijzerbordjes omgevallen, waardoor het onduidelijk was welke kant we nu eigenlijk op moesten, maar wow wat was het mooi (en een beetje zwaar, want 2 uren van de 3.5 was klimmen, maar het uitzicht was totally worth it!).

(En we moesten soms door dit soort hekjes klimmen :p) 

Brew Moon Company

Twee deuren van ons vandaan zit een bierbrouwerij die drie dagen per week open is (tot 22.00, haha). Naast het gezin, en wij, woont hier tijdelijk nog een Frans meisje die werkt in een wijngaard. Zij ging met haar collega’s een avondje uit en vroeg of we zin hadden om mee te gaan, en natuurlijk hadden we dat! Welverdiend na ons dagje werken ;p We ontmoetten allerlei nieuwe mensen die in een busje woonden en geld aan het verdienen waren omdat het hier zo ontzettend duur is. We hebben ook 3% van alle Hongaren die hier rondlopen ontmoet, want in Hongarije krijgen maar 100 mensen per jaar een visum voor Nieuw-Zeeland, wie het snelst de papieren invult op een bepaalde datum heeft geluk, de rest mag nog een jaar wachten. Echt bizar.

Hotpools

Samen met het Franse meisje en de Hongaren zouden we naar de Hotpools in Hanmer Springs gaan, een uurtje rijden hier vandaan. Dat zijn allemaal warm waterbaden die verhit zijn door de thermische activiteit. Helaas had ik een griepje te pakken, dus heb ik de hele dag slechte kinderfilms gekeken met het achtjarige meisje :p Timothy is uiteindelijk wel gegaan en kwam helemaal relaxt thuis! 

Whale Watching & Seal Colony

Gelukkig ben ik op tijd weer beter voor ons tripje naar Kaikoura! Via een soort Grouponactie hebben we tickets om in een klein vliegtuigje walvissen te gaan spotten van 210 NZD voor 120 NZD pp. Kost bijna niets :p Ik hoop ook eindelijk van wat dichterbij dolfijnen te spotten, aangezien er in Kaikoura ook superveel dolfijnen zitten. Na de meest onmogelijke route naar Kaikoura toe (de snelle route is alleen op sommige dagen geopend in verband met aardbevingschade die men probeert te herstellen) arriveren we in Kaikoura. Wauw wat is het hier mooi! Knalblauwe zee, overal groen en als je achter je kijkt zie je besneeuwde Alpen. De piloot van ons vliegtuig vertelt ons dat we vandaag op zoek gaan naar de potvis, maar dat ze deze weken wat lastiger te vinden zijn omdat ze zich verder van de kust bevinden. Daarom gaan we eerst even langs de pod met dusky dolphins, dan hebben we die sowieso maar gezien.

Het vliegtuigje waar we in vliegen is echt fantastisch. Super old skool, met wollen bekleding en natuurlijk heel klein. We krijgen allemaal een koptelefoon op tegen het lawaai en zodat de piloot ons informatie kan geven. Deze zijn aangesloten op het hele luchtnetwerk in Kaikoura, dus we horen ook steeds mededelingen van andere vliegtuigjes en helikopters die willen landen of melden dat ze zich ergens bevinden. We stijgen op, en wow wat is het tof om in zo’n klein vliegtuigje te vliegen. we hadden beiden verwacht dat het wiebelig en een beetje eng zou zijn, maar het voelt juist heel stabiel en je kan superveel zien!

Kaikoura heeft hele blauwe zee, die vanaf een bepaald moment opeens diepblauw/zwart wordt. Deze lijn is super goed te zien vanuit de lucht! Dit komt omdat Kaikoura aan de rand van een soort onderzeese afgrond ligt. Dit is dan ook gelijk de reden waarom er hier zoveel walvissen en dolfijnen zijn.

Helaas voor ons lieten zowel de dolfijnen als de walvissen zich niet zien… Ultieme teleurstelling! De vlucht op zichzelf was weliswaar ook tof (ook de Alpen zijn prachtig vanuit de lucht) maar een half uur staren naar een strakblauwe zee zonder enig teken van leven is wel een beetje een anticlimax als je verwacht een enkel walvisje te zien of toch op zijn minst honderden dolfijnen te spotten. De baas biedt gelukkig aan dat we nog een keer gratis mee mogen als er een vlucht is waar twee plekjes over zijn, dus we proberen het binnenkort nog een keer!

Daarna gaan we nog even naar de seal colony. In Kaikoura is een soort rotsachtige punt die het thuis is voor de fur seals. Je moet wat klimmen en klauteren, maar uiteindelijk zie je een heleboel zeehonden die liggen te relaxen in de zon en niet op of om kijken als ze je zien (we hoorden later dat hoe verder je gaat hoe agressiever de zeehonden, omdat ze verderop niet aan mensen zijn gewend). 

(baby seaaaaal <3)

Eenmaal op de parkeerplaats, blijkt zelfs daar een zeehond te liggen. Echt heel tof om ze van zo dichtbij te zien, en te bedenken dat ze gewoon ‘wild’  zijn. Je bent niet in een dolfinarium, maar dit zijn gewoon wilde zeehonden!

Voordat we weer naar Amberley rijden eten we nog wat en vinden we eindelijk iets dat goedkoop is in Nieuw-Zeeland, namelijk Fish and Chips (check mijn verbaasde hoofd als ik dit pakketje voor één persoon (met twee hele vissen en heel veel patat) openmaak :p) 

Spelletjesavond

Timothy was na ons avontuur in Kaikoura ook ziek geworden dus we doen een tijdje niets, maar hij is nog net fit genoeg voor de spelletjesavond die voor ons is georganiseerd. Allerlei jeugd die bekend is bij de familie komt langs en ze brengen allemaal eten en spelletjes mee (en hun geloof, ze waren allemaal superchristelijk, en er waren zelfs twee Amerikaanse kinderen die grotendeels zelfgemaakte kleding aanhadden en thuis geen electriciteit hebben (Mennonieten)). We speelden Irish Snap en Spoons, twee kaartspelletjes met een reactie-elelement (ik won :D).

(de huiskat Mr. Molly, dit is het beeld van onze meeste avonden) 

Verder maakte we nog een tripje naar Rangiora waar ‘the warehouse’ staat, de enige soort van goedkope winkel in Nieuw-Zeeland, en brengt Timothy de familie Wilson naar het vliegveld voor hun vakantie in Singapore. Deze week hebben we het huis dus voor onszelf en alle dieren, en we hebben ook 24/7 toegang tot de jacuzzi, waar we al even goed gebruik van hebben gemaakt :p Echt heerlijk! Het schijnt zelfs dat als je er op een heldere avond ingaat, je vanuit de jacuzzi de melkweg kan zien. Hopelijk is het binnenkort een keer helder, we shall see! 

P.S. In het kader van ‘hoe duur is Nieuw-Zeeland’: stel je moet wekelijks afval bij de weg zetten. Gratis toch? Nee, daarvoor moet je hier hele dure (en kleine) zakken kopen bij de gemeente, zet je het in andere zakken langs de weg dan krijg je een boete. En als klap op de vuurpijl: een paar kruiwagentjes aan onkruid naar de gemeentelijke stort brengen kost bijna 70 dollar. Dat gaat dus om het recyclen van doodnormaal tuinafval. Opeens snappen we waarom we in menig achtertuin vuur zien branden… 

Kip in de jungle

– We hebben echt ontzettend veel meegemaakt de afgelopen week, veeel te veel om op te schrijven, maar hier een korte en misschien een beetje warrige samenvatting –

We zijn Nieuw-Zeeland! Na een vlucht waarbij alles soepel verliep (op het feit na dat we elke keer precies turbulentie kregen als ik mijn eten al had (protect all the food!) en Timothy nog niets had en dus moest wachten :p) kwamen we ook nog eens in een keer door de douane (die ontzettend streng is in NZ)! Ook konden we ons hostel makkelijk vinden, en omdat we zo kapot waren van de 26 uur durende reis, vielen we gelijk in slaap, terwijl het bij jullie vroeg in de ochtend was. 

De volgende ochtend werden we wakker in het vrij lelijke Auckland. Ik kon nog steeds niet echt beseffen dat we ons écht aan de andere kant van de wereld bevinden (nog steeds niet eigenlijk) en dat we de dag daarvoor in Singapore hadden rondgelopen. In het vliegtuig van Singapore naar Auckland zat een heel aardig meisje die ons adviseerde om naar Waiheke Island te gaan. Vanaf Auckland 40 minuutjes varen naar dit kleine eilandje met een eigen sub(tropisch)klimaat. Aangezien we allebei niet zo van steden houden besloten we om hier naartoe te gaan, maar eerst moesten er boodschappen gedaan worden. Er was ons verteld dat het duur was in Nieuw-Zeeland, maar dat het zo duur zou zijn hadden we beide niet verwacht. Vooral bepaalde groenten die bij ons heel goedkoop te verkrijgen zijn, zijn hier niet te betalen. 9,99 NZD voor een kilo tomaten, 19,99 NZD voor een kilo courgette, en ook het glutenvrije brood is hier omgerekend zo’n 7 euro. Uiteindelijk vinden we iets semi-betaalbaars en gaan we naar Waiheke Island.

Wat me gelijk opvalt is dat Nieuw-Zeeland dingen met elkaar lijkt te mixen die in mijn hoofd nooit samen zouden gaan. Zo lopen we door een prachtig jungle-achtig bos met palmbomen en allerlei exotische vogels, maar zitten er ook allemaal musjes. En op het prachtige strand met de knalblauwe zee liggen een paar eenden te chillen.

De volgende dag regelen we een paar dingen in Auckland en nemen ‘ s avonds  de bus naar Paihia (eigenlijk Kerikeri die we al hadden geboekt voor onze eerdere host, maar we stappen een halte eerder uit) het is een beetje stormachtig weer, en dat is nog steeds zo de volgende ochtend. Toch besluiten we een wandeling te maken naar de Haruru falls. We lopen door de jungle en langs een magrove, en het is zo mooi en stil overal (op de natuurgeluiden na) dat het net is alsof je door een aflevering van planet earth loopt. Alleen de stem van David Atenborough ontbreekt. En aan het einde van de route zie ik opeens iets groots verschijnen uit de jungle. Horen we opeens ‘poooook’  blijkt het een kip. Hoe dan?! 

De rest van de middag zijn we kapot #jetlag en de volgende ochtend gaan we alweer vroeg naar Auckland om onze relocationcar op te halen. Autoverhuurbedrijven zitten soms op meerdere locaties en hebben dan een bepaalde auto nodig op één van hun andere locaties. Via een website kun je boeken en dan mag je de auto gratis naar de locatie brengen. Wij doen dat met een campervan en deze rijden we van Auckland naar Christchurch. Een korte samenvatting:

Dag 1: we rijden van Auckland naar Lake Karapiro waar we vast komen te zitten op een helling met de bus en we eruit gesleept moeten worden… 

Dag 2: We rijden naar een miniplaatsje genaamd Raetihi (we komen prachtige snowy mountains tegen onderweg) via Rotorua (de plek met thermal activity overal en waar het stinkt naar rotte eieren) waar we vriendschap sluiten met een oudere man genaamd Harvey en op glowwormexpeditie gaan.

(met onze voetjes in het stinkende water) 

Dag 3: We rijden naar Paekakariki (echt onmogelijk die namen) en daar ontmoeten we nog meer aardige Kiwi’s

Dag 4: We rijden naar Wellington waar we met de ferry van het Noordereiland naar het Zuidereiland gaan, met als hoogtepunt de dolfijnen, zeehonden en blauwe pinguins de we onderweg zien. ’s avonds slapen we in de middle of nowhere in de bergen, zonder stroom of drinkwater (en, zoals later bleek, met maar net genoeg benzine om het volgende tankstation te bereiken). 

Dag 5: we rijden naar Christchurch. Had ik trouwens al gezegd dat heel Nieuw-Zeeland vol met grote oranje pionnen staat? Overal is werk aan de weg, maar in Christchurch zijn er vanwege de aardbeving overal werkzaamheden, en dus is het een grote oranje gloed van pionnen.

Na ons avontuur met het busje is het tijd voor onze eerste helpX ervaring. We gaan naar onze hosts in Amberley waar we de komende maand zullen verblijven, en we hebben het zo ontzettend getroffen. We zitten bij een hele lieve familie met drie kinderen van 8, 14 en 16, een grote hond (Wilson) en een gigantische kat (Mr Molly) . We doen allerlei klusjes voor ze in ruil voor kost en inwoning. De klusjes bestaan tot nu toe vooral uit onkruid wieden en houthakken, maar binnenkort mogen we een heel hek schuren en verven. In ruil daarvoor krijgen we ontzettend lekker eten en slapen we in een queen sized bed. Wij vermaken ons hier nog wel even! 

P.S. Bijschriften schrijven bij de foto’s is een heel gedoe op een kleine telefoon, dus jullie mogen zelf verzinnen waar de foto’s van zijn. En ik hoop dat het er op een computer net zo OK uitziet als op m’n telefoon, maar ik vrees van niet 😛

Gescheurde pijpleidingen en exploderende vliegtuigen

  • Wanneer gaan jullie ook alweer? (over drie dagen)
  • Ga je écht een heel jaar lang uit één tas leven? (ja! (#help))
  • Was het nu Australië of Nieuw-Zeeland? (Nieuw-Zeeland)
  • Hebben jullie ook een plan? (Ja en nee. Eerst gaan we twee weken naar Roger en Birgit om feijoas (klinkt als…) en dergelijke te plukken, maar verder dan dat hebben we geen plan)
  • Zijn jullie er helemaal klaar voor? (eeuhm…)

Vooral de laatste vraag wordt ontzettend vaak gesteld nu de vertrekdatum nadert. Aangezien we beiden gek zijn op het maken van lijstjes hebben we onder het mom van ‘voorpret’ uren besteed aan het maken van lijstjes. Bijvoorbeeld een lijstje van spullen die we nog moeten aanschaffen, een met de voor- en nadelen van het meenemen van een laptop (die uiteindelijk thuisblijft) en natuurlijk is er ook een ultieme inpaklijst samengesteld. Om er nog meer ‘klaar’ voor te zijn hebben we de inpaklijst getest, en alles op het lijstje bleek (gelukkig) daadwerkelijk in onze backpacks te passen. Ook zijn we van alle benodigde verzekeringen, internationale rijbewijzen, visa en inentingen voorzien. Dus ja, wij zijn klaar om te gaan!

sdr
Blijkbaar hebben we dit niet nodig…

De Airbus waar we mee vliegen lijkt er alleen wat minder klaar voor te zijn. Zo verscheen vorige maand dit bericht waarin staat dat de Airbus, specifiek het model waar wij mee vliegen, kan exploderen in de lucht. Tenminste, als de Software-update niet wordt geïnstalleerd. Gelukkig doet iedereen dat altijd. Toch?

En ook Nieuw-Zeeland lijkt er nog niet helemaal klaar voor te zijn. Zo brak donderdag de enige pijpleiding waar Auckland Airport zijn brandstof vandaan haalt. Dit houdt in dat er een hele lijst vluchten is geschrapt en dat er extra tussenstops gemaakt moeten worden om de vliegtuigen (in ieder geval die vanuit Nieuw-Zeeland vliegen) te voorzien van kerosine. Of dit ook een effect op onze vlucht gaat hebben is onduidelijk. Tot nu toe lijkt het zo te zijn dat er geen grote internationale vluchten geschrapt worden, dus waarschijnlijk valt het allemaal wel mee.

IMG-20170909-WA0009
…en dit ook niet.

Wat betreft ons ‘plan’; deze is een beetje in het water gevallen. Een poos geleden hebben we enthousiast mailcontact gehad via helpX.net met Roger en Birgit uit Kerikeri. Onze mail begon met: ‘over 77 dagen vliegen we naar Auckland’ en dat zijn er inmiddels nog maar drie. Alles was afgesproken, de bus was al geboekt. Nu hadden onze hosts ergens in de tussentijd een significante verandering op hun profiel aangebracht. Namelijk dat ze ook knoflook verbouwen. Nu denk je misschien, dat is niet zo’n probleem, toch? Nou… Iedereen die wel eens met mij heeft gegeten weet dat ik al misselijk word van de lucht van knoflook, dus een complete knoflookoogst zag ik niet helemaal zitten. Roger zag ook niet helemaal voor zich hoe hij zijn hele schuur vol knoflook die te drogen hangt (dat moet echt een soort hel zijn), leeg kon halen en dus leek het hem (en ons) beter om een ander adresje te zoeken.

Dus zo zitten we drie dagen voor vertrek opeens helemaal zonder plan. De bus is al geboekt dus we gaan wel richting Kerikeri, maar dat is dan ook het enige wat we weten. Ondertussen proberen we nu snel nog een nieuwe host te vinden waar we als het goed is begin volgende week (wat, dan al?!) terecht kunnen. Als we daar überhaupt komen natuurlijk en ons vliegtuig niet van te voren ontploft, of out of fuel raakt… :p Hoe dan ook, wij hebben er ontzettend veel zin in en we zien wel waar we terecht komen! Zelfs als we geen nieuwe host vinden, kunnen we altijd eerst nog een tijdje in een hostel slapen en de toerist uithangen – ook geen straf.